Organisatie

In het Nationaal Bestuursakkoord Water is het initiatief van het programma Leven met Water voorgesteld. De initiatiefnemers (Unie van Waterschappen, Ministerie van Verkeer en Waterstaat, WL|Delft Hydraulics, TAUW, DHV, Grontmij, TNO, Alterra, Stowa, InnovatieNetwerk en CURNET) hebben gezamenlijk een stichting opgericht, die verantwoordelijk werd voor de uitvoering van het programma. Met als doel synergie tussen de verschillende kennisontwikkelingsprogramma's is gekozen voor het onderbrengen van de organisatie binnen het platform van CURNET.

Onder de verantwoordelijkheid van het bestuur heeft het programmateam de organisatie opgezet. De eerste fase van het programma is vooral besteed aan het makelen en schakelen met alle netwerkpartners om tot volwaardige projectvoorstellen te komen, passend binnen de onderzoeksagenda. De beoordeling van de projectvoorstellen is in een drietrapsraket uitgevoerd door Kennismotor, Wetenschappelijke Adviesraad (WAR) en het Algemeen Bestuur. In vijf selectieronden zijn daarbij in totaal 200 projectvoorstellen de revue gepasseerd, waarbij uiteindelijk aan in totaal 100 projecten een financiële bijdrage is verleend.

In de periode 2004-2010 zijn alle 100 projecten uitgevoerd inclusief alle kennisoverdrachts- en kennisverankeringsactiviteiten. Met de Kennisconferenties, Communities of Practice (CoP's), leergemeenschappen, brugateliers, masterclasses en workshops is ervoor gezorgd dat de kennis tussen de projecten en in het netwerk verspreid werd.

Met het penvoerend ministerie Verkeer en Waterstaat en de ministeries van VROM en LNV werd twee keer per jaar een afstemmingsoverleg georganiseerd om de voortgang van het programma te bewaken. SenterNovem/NWO had de monitoringstaak toebedeeld gekregen vanuit de ICES/KIS-commissie. Ook daarmee is periodiek overleg gevoerd.

Halverwege het programma is in oktober 2007 de MidTerm Review uitgevoerd door een externe commissie. Naast de positieve beoordeling is ook een groot aantal bruikbare aanbevelingen gedaan om het programma verder uit te voeren. De externe evaluatiecomissie is in 2009 2 keer kort op bezoek geweest om de voortgang van het programma te monitoren en met name toe te zien op de kennisverankeringsactiviteiten.

Het totale programmabudget bedroeg € 50 miljoen. Het Kabinet heeft een subsidie van € 22 miljoen beschikbaar gesteld. Het resterende geld kwam uit de cofinanciering van de participanten binnen het programma.

Het financiële raamwerk van het programma is gebaseerd op de Bsik-regeling “Besluit stimulering, innovatie in de kennisinfrastructuur”. Het grootste deel van het budget, zijnde € 44 mln, is besteed aan de onderzoeksprojecten en kennisoverdracht daarbinnen. Het andere deel (€ 6 mln) is gebruikt voor communicatie inclusief deze website, afstemming met andere programma's en de ministeries, voor monitoring van het programma en organisatie.

 

Afbeeldingen